
Economische recessie mag geen vrijbrief zijn om natuurgebieden op te offeren of de ontwikkeling van nieuwe natuur te staken. Sterker nog: in economische mindere tijden moet de overheid juist de aanleg van grote natuurprojecten starten. Daarmee kan zij naast natuur ook werkgelegenheid stimuleren. Dat blijkt uit een enquête over de inrichting van het Groninger landschap. De peiling werd gehouden onder de leden van het internetpanel De Groene Peiler van de Natuur en Milieufederatie Groningen.
Natuur, landschap en milieu staan vaak op gespannen voet met economische ontwikkelingen. In dit spanningsveld worden ook beslissingen genomen die veel gevolgen hebben voor de ruimtelijke invulling van het landschap. Het gaat dan om bijvoorbeeld nachtelijke (reclame)verlichting en bedrijventerreinen. De enquête vroeg panelleden naar hun mening over deze en andere landschappelijke ontwikkelingen.
Laat het donker donker
De panelleden hebben een duidelijke mening over ruimtelijke ontwikkelingen. Zo vindt 95 procent de toename van nachtelijke (reclame)verlichting een slechte zaak. Veel kritiek en zorg is er ook als het gaat om de aanleg van nieuwe bedrijventerreinen (67 procent), de toename van grootschalige recreatieparken (74 procent) en de aanleg van grote bedrijfsloodsen en boerenschuren (61 procent). Daar staat tegenover dat kleinschalige projecten, zoals kamperen bij de boer, kunnen rekenen op steun van de deelnemers (92 procent).
Randvoorwaarden Eemshaven
Kritische geluiden zijn er ook over economische activiteit in de Eemsdelta direct grenzend aan de waardevolle natuurgebieden Waddenzee en Eems-Dollard. Dergelijke activiteiten mogen hier alleen plaatsvinden binnen duidelijke randvoorwaarden, stelt 97 procent van de ondervraagden.
Zo vindt een ruime meerderheid dat er geen plaats is voor industrieën die kwalijke stoffen uitstoten zoals broeikasgassen (67 procent) en andere voor de mens schadelijke stoffen (75 procent). Verder vindt 65 procent dat er randvoorwaarden moeten komen voor de afmetingen en het uiterlijk van bedrijfsgebouwen. Een grote meerderheid vindt verder dat bedrijven zelf verantwoordelijk zijn voor schade aan de omgeving. Ruim 85 procent vindt dat bedrijven moeten investeren in maatregelen om negatieve effecten op de natuur te voorkomen.

Economische recessie
De panelleden zijn erg stellig over het handhaven van randvoorwaarden tijdens een economische recessie. Ook dan moeten natuur en landschap beschermd worden (76 procent). Een economische crisis mag evenmin reden zijn de natuurwetgeving te versoepelen (82 procent). Deze uitkomst staat daarmee haaks op de onlangs aangenomen Crisis- en herstelwet. De panelleden vinden juist dat de overheid tijdens een economische recessie grote natuurprojecten moet starten (70 procent) om daarmee zowel natuur als werkgelegenheid te stimuleren.
Vaargeul
Een mooie, natuurlijke en aantrekkelijke Waddenzee vinden de ondervraagden van grote economische waarde voor de Nederlandse economie (85 procent). Over de verdieping van de vaargeul naar de Eemshaven zijn de meningen verdeeld. Zo oordeelt 43 procent dat bedrijven niet welkom zijn als daarvoor de vaargeul moet worden uitgebaggerd.
De enquête werd gehouden door de Natuur en Milieufederatie Groningen. Belangrijkste doel was Groningers bewust te maken van allerlei ruimtelijke ontwikkelingen in hun eigen regio.
| Veel belangstelling voor Netwerk Ruimtelijke Ordening (RO)
De Natuur en Milieufederatie zet in Groningen een Netwerk Ruimtelijke Ordening op. Hiervoor zoekt zij betrokken Groningers met oog voor natuur, milieu, landschap en duurzaamheid. Samen met leden van het Netwerk RO wil de Milieufederatie reageren op beleids- en bestemmingsplannen in allerlei gemeenten. Om die plannen te beoordelen wil zij gebruik kunnen maken van dit netwerk van betrokken burgers die uit de regio zelf komen. Deelnemers aan de enquête over het Groninger landschap konden zich ook opgeven voor dit Netwerk RO. Liefst 50 panelleden van de 338 reageerden positief op deze uitnodiging. De Milieufederatie organiseert binnenkort een informatiebijeenkomst, waarvoor ook de 50 belangstellenden worden uitgenodigd. |
Contactpersoon: Marjolijn Tijdens (m.tijdens@nmfgroningen.nl)